Annelies Huygen: Energietransitie alleen succes door meer experimenten en lokale initiatieven

Ad Verbrugge en Annelies Huygen, bijzonder hoogleraar transitie van energiemarkten (UvA), over de politisering van de energietransitie en welke rol de overheid beter zou kunnen vervullen in de overgang naar een duurzamere economie.


Met het klimaatakkoord en energietransitie spreken de regeringspartijen duidelijk de wens uit te willen werken aan een duurzamere economie waarin fossiele brandstoffen een veel kleinere rol moeten gaan spelen. Tegelijkertijd is er kritiek. Over de kosten maar ook over de uitvoerbaarheid. Uit de uitslag van de afgelopen Provinciale Statenverkiezingen blijkt daarnaast wel dat de Nederlander er op dit moment nog weinig vertrouwen in heeft dat het zomaar goed komt met verduurzaming. Hoe komt dit precies en waar gaat het nog fout met het uitgestippelde beleid?

Volgens Annelies Huygen, bijzonder hoogleraar transitie van energiemarkten aan de UvA, zijn er twee belangrijke opmerkingen te maken. Aan de ene kant is de financiering van de transitie nog te veel gericht op grote bedrijven en niet op lokale initiatieven. Dit heeft als nadeel dat de transitie nu nog teveel wordt aangevlogen als het uitvoeren van een masterplan, waarbij vooral van bovenaf wordt gedicteerd hoe deze eruit moet komen te zien. Dit geeft te weinig ruimte voor innovatieve experimenten en het creƫren van het benodigde draagvlak.

Aan de andere kant kent Nederland een zeer centralistisch insteek als het aankomt op energievoorziening. In tegenstelling tot een land als Denemarken spelen decentrale organisatievormen een zeer bescheiden rol, waardoor burgers en lokale overheden relatief weinig kennis hebben over het organiseren van de eigen energiebehoefte. Nu we in Nederland van het gas afgaan kunnen we volgens Huygen aan landen als Denemarken een voorbeeld nemen voor een succesvolle transitie.

Hoe we dit precies kunnen doen bespreekt Huygen in dit gesprek met Ad Verbrugge.

Beluister op Spotify